Posts tonen met het label Sint-Genesius-Rode. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Sint-Genesius-Rode. Alle posts tonen

REGIO - Kaatssport op sterven na dood?

Alarmerend artikel in Het Nieuwsblad van 14 juli 2021

© Hashtag op Twitter,  auteur onbekend

Kaatsen is  of was ook in Wallonië erg populair en ook in sommige Nederlandse provincies. Hoe het er daar aan toegaat in deze authentieke volkssport, weten we niet echt. Maar in Vlaanderen is de sport  helaas geen lang leven meer beschoren. Of is er toch nog  hoop? Leest deze bijdrage die  in Het Nieuwsblad verscheen.

Wie doet er wat aan?

"Meervoudig landskampioen stopt, en andere clubs zullen volgen

Gedaan met kaatsen

Ooit was het de populairste sport in ons land, meer beoefend dan voetbal en atletiek. Maar anno 2021 lijkt kaatsen uitgekaatst. Met de stopzetting van veelvoudig landskampioen en bekerwinnaar Amis Réunis uit Buizingen verdwijnt alweer een monument in de balsport. “Elk seizoen stopt minstens één club.”

Wim Dehandschutter

Drie landstitels, negen Bekers van België, vier Supercups en winst op 48 nationale toernooien: Amis Réunis is een traditieclub in de kaatssport. Maar op een zucht van hun tachtigste verjaardag houdt de ploeg ermee op. De reden? De voorzitter wil na 23 jaar “in schoonheid afscheid nemen”, de overige bestuursleden beslisten mee op te stappen en geen enkele speler wil de rol overnemen.

“Het is helaas zo: eind september zal het doek vallen over onze traditieclub”, zegt Thierry Dufour, vertrekkend voorzitter van den Amis. “Eigenlijk bevestigen wij daarmee de trend van de jongste vijftien jaar, dat er zeker één club per seizoen stopt. Als ik mag afgaan op de geruchten, dan zullen andere op korte termijn volgen.”

Van 35 naar 15

“Er is vandaag zoveel aanbod in de vrije tijd, nu ook door de hype van padel” Dirk Van den Abbeelekaats-kenner

Cijfers van Kaatsentiteit Vlaanderen bevestigen de teloorgang van de sport. Vijftien jaar geleden waren er nog 35 clubs in Vlaanderen, daarvan zijn er nog 15. “We zijn op het einde van het seizoen opgelucht als er niet wéér een club stopt”, stelt voorzitter Marcel De Tant van de koepelvereniging onomwonden. “Ik zie de toekomst somber in.”

Beide heren geven dezelfde verklaring voor de teloorgang: het kaatsen is aan het vergrijzen. Ten eerste: vrijwilligers, die de clubs doen draaien, zijn doorgaans zestigplussers. Na decennialange inzet haken ze een voor een af. Dat is zowat het verhaal van Buizingen. En ten tweede: de jeugd is niet meer warm te krijgen. Zonder jeugdspelers geen doorstroming naar de eerste ploeg, en geen toekomst voor de club.

Dirk Van den Abbeele, gewezen speler en auteur van een boek over het kaatsen, vreest dat de desinteresse bij de allerjongsten de doodsteek kan worden. “Kaatsen was tot en met de Tweede Wereldoorlog de populairste en meest beoefende sport in België. Vandaag is er gewoon zoveel meer aanbod in de vrije tijd, nu ook door de ­hype van padel.”

Te veel geld

Maar vergis u niet, er gaat geld om in het kaatsen. “Te veel zelfs”, meent Marcel De Tant. “Door de beperkte instroom van jeugdspelers is er voor de eerste ploeg een schaarste aan goeie kaatsers, die hun prijs kunnen opdrijven.” Zij gebruiken het arrest-Bosman uit het voetbal om transfervrij te vertrekken. “Reken maar dat ze weg zijn als ze een eurocent meer kunnen verdienen. Clubliefde ­bestaat niet meer.” Volgens De Tant verdient een gemiddelde kaatser “merkelijk meer” dan een voetballer in derde en vierde provinciale. Hij heeft bedragen van 20.000 euro per seizoen voor topspelers in eerste nationale horen vallen.

Kan de teloorgang van het kaatsen worden gestopt? De Tant is pessimistisch. “Het is een vicieuze cirkel. Hoe minder clubs, hoe verder jeugdspelers moeten rijden. Die doen dat niet. En hoe minder jeugdspelers, hoe minder bestaansrecht voor de clubs.”

 

 

Regio - Tol betalen om tram of metro te bereiken of in de Ikea te gaan winkelen?

 

Blijven we weg uit Brussel?

 

©Auto55.be

Wie is er bereid om stadstol te betalen  als hij  of zij met de auto naar de Ikea  of Decathlon wil, of om in de Put van Calevoet de tram te nemen of de wagen aan het dichtst bij zijnde metrostation te parkeren? Of in Basilix of Westland te gaan winkelen? Of een zieke te bezoeken in een Brussels ziekenhuis?

Het zit er nochtans aan te komen, want zoals de krant De Tijd in haar editie van 15 oktober 2020 meldde, denkt het Hoofdstedelijk Gewest Brussel aan een stadstol plus kilometertelling die 500 miljard euro moet opleveren.

In het Vlaams Parlement is er een actualiteitsdebat over gevoerd, waarbij blijkt dat Vlaanderen dit plan niet echt lust.

Bijna alle partijen in het Vlaams Parlement verzetten zich tegen de mogelijke invoering van een stadstol in Brussel. Ook Open VLD en SP.A, die mee in de Brusselse regering zitten, nemen er afstand van. (Groen benadrukt dat het nog gaat om een nota en vraagt de Vlaamse regering om in gesprek te gaan.) Vlaams minister van Mobiliteit Lydia Peeters is duidelijk: "Zet Brussel eenzijdig door, dan zullen we alle mogelijke juridische middelen uitputten."

'Pestbelasting'

In het actualiteitsdebat in het Vlaams Parlement schaarden zowat alle partijen zich achter die kritiek. Ook Open VLD, nochtans deel van de Brusselse regering, was erg duidelijk. Minister van Mobiliteit Lydia Peeters (Open VLD): "Het kan niet dat Brussel eenzijdig een platte belastingverhoging invoert die de Vlaming in zijn portemonnee treft en die de Vlaming discrimineert."

Collega-minister Matthias Diependaele (N-VA) herhaalde ook al zijn verzet tegen de Brusselse "pestbelasting".

Ook SP.A, nog een partij die in de Brusselse regering zit, lijkt afstand te nemen van de Brusselse plannen. "Zonder sociale alternatieven voor de auto kan de stadstol er voor ons niet komen," zegt SP.A-fractieleider Hannelore Goeman.

Volgens minister Peeters investeert Vlaanderen deze legislatuur alleen al 800 miljoen euro in alternatieven voor de wagen in de rand rond Brussel, gaande van 100 kilometer aan bijkomende fietsinfrastructuur, tot het Brabantnet met onder meer drie extra tramverbindingen.

 

Vlaamse Brusselaars

In schril contrast met die afwijzende houding staan de commentaren van Vlaamse Brusselaars op een artikel over de stadstol dat verscheen op de website Bruzz, het  Nederlandstalige mediakanaal dat grotendeels met geld uit Vlaanderen in de hoofdstad wordt opengehouden. (Bruzz is website, tv en radio en weekblad).

Al die mensen vinden in grote meerderheid dat elke niet-Brusselaar die met de auto de stad in wil, daarvoor moet betalen.

Een éénling maakt wel deze scherpe analyse: “Deze stadstol is gewoon de pendelaars (en vooral de Vlamingen) tot 3 keer voor hetzelfde doen betalen. Ik krijg heel de tijd te horen dat Brussel kreunt onder autopendelaars. Maar wat de Brusselse politici vergeten te zeggen is dat bij de laatste staatshervorming Brussel extra compensatie kreeg voor die pendelaars.

Namelijk 150 miljoen euro extra mobiliteitsbijdrage, 125 miljoen via Beliris voor o.a. de verlenging van de metro en nog eens 44 miljoen euro voor pendelaars-specifieke opportuniteitskosten.

Alleen hoor ik de Brusselse politici als het gaat over deze middelen in kader van de financieringswet zeggen dat de stadstol in de plaats komt van deze federale tussenkomsten. Neen, de Brusselse politici willen én deze compensatie via de financieringswet én de stadstol én rekeningrijden.

Op een rijtje: een Vlaamse pendelaar betaalt dus een eerste keer aan het Brussels Hoofdstedelijke Gewest via zijn belastingen (via de compensatie voor pendelaars/mobiliteit en de bijzondere financieringswet), betaalt twee keer via de stadstol om BHG binnen te komen en dan nog eens een derde keer om binnen het BHG  kilometers af te leggen?”

 

Los daarvan: ga jij tol betalen?  Gaan al die mensen die vanuit Vlaanderen en Wallonië met de auto naar Brussel rijden om er te werken, die tol betalen? Gaan bedrijven en overheidsinstellingen Brussel verlaten?  Benieuwd wat er van komt en wat de economische impact van dit Brussels plan zal worden...

Vlaamse Rand: aandeel Nederlandstalige borelingen blijft dalen

Vlaamse Rand: amper kwart borelingen groeit nog op in Nederlandstalig gezin
Amper in 2 van de 19 randgemeenten nog meerderheid Nederlandstaligen


Van alle baby’s die in 2019 in de Vlaamse Rand geboren werden, groeit driekwart op in een anderstalig gezin. Dat blijkt uit gloednieuwe cijfers van Kind en Gezin die Vlaams Belang-parlementslid Klaas Slootmans naar buiten brengt. Naast de Franstalige opmars valt ook de forse stijging op van gezinnen die geen van beide landstalen spreken.   

De geboortecijfers van Kind en Gezin zijn al jaren een objectieve graadmeter voor de internationalisering en ontnederlandsing van onze steden en gemeenten. Per gemeente geven ze een gedetailleerd overzicht van de bevolkings- en taalkenmerken bij onze jonge gezinnen. Uit de nieuwe cijfers blijkt - nog maar eens - dat de 19 Vlaamse randgemeenten rond Brussel in ijltempo ontnederlandsen. Amper 26 procent van de gezinnen waar afgelopen jaar een kind werd geboren, spreekt thuis nog Nederlands. Nooit eerder, sinds de start van de tellingen in 2004, lag dat aandeel zo laag.   



Meer gezinnen die geen van beide landstalen spreken dan Nederlandstalige


Met meer dan 47 procent blijven de Franstaligen de grootse taalgroep bij de gezinnen waar afgelopen jaar een kind werd geboren. Maar nog opmerkelijker is het toenemend aandeel jonge gezinnen dat geen van beide landstalen spreekt. 27 procent van de jonge gezinnen is niet Frans- én niet Nederlandstalig. In 9 van de 19 randgemeenten zijn er zelfs meer geboorten in gezinnen die geen van beide landstalen spreken dan in gezinnen waar men Nederlands spreekt. Het gaat dan om Drogenbos, Kraainem, Machelen, Linkebeek, Vilvoorde, Sint-Genesius-Rode, Wemmel, Wezembeek-Oppem en Zaventem. Dat dit laatste samenhangt met de steeds groter wordende immigratiegolven in de Rand werd recent nog bevestigd door de nieuwe cijfers van Statbel, waaruit bleek dat de bevolkingstoename bijna uitsluitend het gevolg is van immigratie. “En het gaat dan niet om Nederlanders of Duitsers”, aldus Vlaams Belang- parlementslid Klaas Slootmans. “De grootste toename doet zich vooral voor bij Roemenen, Polen en Afrikanen. Het gevolg is dat intussen bijna de helft van de inwoners in de Rand van vreemde herkomst is of hoe onze regio steeds meer een uitvloeisel wordt van Brussel.”





Onderwijsniveau keldert 


Alleen al op het vlak onderwijs zijn de gevolgen bijzonder nefast, argumenteert Slootmans. De Vlaams Belanger verwijst ter zake naar de recentste cijfers van Onderwijs Vlaanderen die aantonen dat de leerachterstand in de scholen in de Rand toeneemt en dat vooral in die scholen waar de instroom van anderstaligen het grootst is. Naast een veel kordater migratiebeleid en een tijdelijke inschrijvingsstop voor buitenlanders is er volgens Slootmans dringend nood aan een voorrangssysteem in de scholen naar Brussels model, waarbij Nederlandstalige kinderen voorrang krijgen op anderstalige. “Minister Weyts had dat vorig jaar aangekondigd, maar bijna een jaar later, is er op het terrein nog niks gerealiseerd, waardoor het in de sterren staat geschreven dat het niveau zal blijven dalen. Bij steeds meer schooldirecteurs en leerkrachten zakt de moed in de schoenen om nog kwalitatief onderwijs te kunnen aanbieden.” Slootmans kondigt alvast aan de minister hierover deze week aan de tand te voelen in het Vlaams Parlement.

Vaak gelezen

Actueel

Kapelletjes in Beersel